Ontbijt overslaan en intermittent fasting: voor wie werkt het?

Ontbijt overslaan en intermittent fasting: voor wie werkt het?

De een zweert erbij en voelt zich helderder dan ooit, de ander wordt om elf uur chagrijnig en duizelig. Intermittent fasting — periodes bewust niet eten, vaak door het ontbijt over te slaan — is uitgegroeid tot een populaire methode. Maar het is geen wondermiddel, en of het bij je past hangt vooral af van je eigen lijf en leven.

Wat intermittent fasting wel en niet is

In de kern is het simpel: je beperkt het deel van de dag waarin je eet. Een bekende vorm is het overslaan van het ontbijt, zodat je bijvoorbeeld pas rond het middaguur je eerste maaltijd neemt en 's avonds vroeg stopt. Er zit geen magie in. Het belangrijkste effect is meestal dat mensen, doordat hun eetraam kleiner wordt, gewoon wat minder calorieën binnenkrijgen — niet dat er een geheim metabool knopje wordt omgezet.

Voor sommige mensen werkt dat prettig. Als je 's ochtends toch geen trek hebt, voelt het natuurlijk om het ontbijt te laten zitten en pas later te eten. Het kan helpen om minder te snaaien en wat structuur in je dag te brengen. Maar het is niet beter of gezonder dan gewoon ontbijten als je daar wél behoefte aan hebt. Het oude verhaal dat ontbijt "de belangrijkste maaltijd van de dag" is, is net zo overtrokken als het idee dat overslaan je opeens slanker maakt.

Voor wie het minder geschikt is

Niet iedereen vaart er wel bij, en bij een aantal groepen is het zelfs af te raden zonder overleg. Denk aan mensen met diabetes of die bloedsuikerverlagende medicijnen gebruiken, zwangere vrouwen, mensen met een verleden van een eetstoornis, en wie veel intensief sport. Voor hen kan langdurig niet eten juist problemen geven. Twijfel je of het in jouw situatie verstandig is? Leg het voor aan je huisarts voordat je begint.

  • Werkt vaak prima voor wie 's ochtends geen honger heeft en het rustig uitprobeert.
  • Niet doen bij diabetes, zwangerschap of een eetstoornis in de voorgeschiedenis zonder medisch advies.

Luister vooral naar je honger

De beste graadmeter ben je zelf. Voel je je goed, helder en niet voortdurend hangerig? Dan kan een later ontbijt prima bij je passen. Word je er prikkelbaar, futloos of duizelig van, dan is het simpelweg niets voor jou, en dat is geen falen. Dwing jezelf niet in een schema omdat het online populair is — eet als je honger hebt en stop als je vol zit.