Zodra de zon echt doorbreekt, komt de jaarlijkse verwarring weer langs. De ene buurman smeert factor 50 alsof zijn leven ervan afhangt, de ander zegt dat hij "nooit verbrandt" en dus geen zonnebrand nodig heeft, en in de drogist staan dertig tubes met termen die niemand uitlegt. Het gekke is: zonnebescherming is helemaal niet ingewikkeld, maar er hangen zoveel hardnekkige fabels omheen dat veel mensen het net verkeerd doen. En verkeerd betekent hier: verbranden terwijl je dacht dat je beschermd was.
De grootste denkfout: te weinig smeren
Dit is waar bijna iedereen de plank misslaat. Een factor 30 beschermt alleen als je hem ook echt in de geteste hoeveelheid aanbrengt, en die hoeveelheid is veel meer dan je denkt. Voor een volwassen lichaam praat je over ongeveer zes tot zeven theelepels, of zo'n 30 milliliter in één keer. De meeste mensen smeren een kwart daarvan en halen daarmee in de praktijk geen factor 30, maar eerder een factor 8 of 10.
Met andere woorden: dat dunne laagje dat je 's ochtends snel uitsmeert, doet lang niet wat de verpakking belooft. Beter dik insmeren met een gewone factor 30 dan een flinterdun laagje van een dure factor 50. En na twee uur, of na het zwemmen en afdrogen, opnieuw. "Waterproof" betekent niet dat het er na een handdoek nog op zit.
"Ik word toch alleen maar bruin" en andere fabels
Een paar hardnekkige verhalen die het waard zijn om af te schieten:
- "Ik verbrand nooit, dus ik heb niks nodig." Verbranden voel je, schade aan je huid niet. UV-straling werkt ook in op de diepere lagen zonder dat je rood wordt, en dat is precies wat op lange termijn voor vroegtijdige veroudering en huidkanker zorgt. Geen rode huid is geen bewijs van geen schade.
- "Het is bewolkt, dus de zon kan geen kwaad." Een groot deel van de UV-straling gaat dwars door de wolken heen. Juist op zo'n grijze, broeierige dag aan zee verbranden mensen, omdat ze de waarschuwing van een felle zon missen.
- "Onder de parasol zit ik veilig." Zand en water weerkaatsen UV-straling, dus onder de parasol op het strand vang je nog steeds een flinke dosis van opzij en van onderaf. De parasol helpt, maar vervangt het smeren niet.
- "Door zonnebrand maak ik geen vitamine D aan." In de praktijk smeert vrijwel niemand zo grondig dat de aanmaak helemaal stilvalt, en je hebt maar weinig blootstelling nodig. Dit is geen reden om onbeschermd in de volle zon te gaan liggen.
Wat de getallen op de tube eigenlijk betekenen
De factor, oftewel de SPF, gaat alleen over UVB, de straling die je laat verbranden. Maar je huid veroudert vooral door UVA, en die zie of voel je niet. Daarom staat op een goede zonnebrand ook een rondje met de letters UVA erin: dat betekent dat het middel een fatsoenlijke verhouding UVA-bescherming biedt. Let daar op, want een hoge factor zonder dat logo dekt maar de helft van het verhaal.
En over die hoge factoren: het verschil tussen factor 30 en factor 50 is kleiner dan het lijkt. Factor 30 houdt ongeveer 97 procent van de UVB tegen, factor 50 zo'n 98 procent. Het grote winstpunt zit hem dus niet in een nóg hoger getal, maar in genoeg smeren en op tijd herhalen. Een betaalbare HEMA- of Kruidvat-zonnebrand factor 30 die je royaal gebruikt, beschermt beter dan een dure factor 50 die je spaarzaam uitsmeert.
Niet alles los je op met een tube
Smeren is het sluitstuk, niet het startpunt. Tussen ongeveer twaalf en drie uur staat de zon op zijn felst, en in die uren is schaduw zoeken simpelweg effectiever dan welke factor dan ook. Een T-shirt met mouwen, een pet en een zonnebril doen meer dan mensen denken: stof laat veel minder UV door dan een laagje crème. Voor jonge kinderen geldt dat dubbel — hun huid is dunner en gevoeliger, en een UV-werend zwemshirt is handiger dan elk half uur achter ze aan rennen met de tube.
Waar het op neerkomt
Zonnebescherming hoeft geen wetenschap te zijn. Pak een gewone factor 30 met het UVA-logo, smeer er royaal van — echt royaal, meer dan je gewend bent — en herhaal na twee uur en na het zwemmen. Zoek tussen twaalf en drie de schaduw op en trek wat aan als je lang buiten bent. Dat is alles. De mensen die deze zomer verbranden, zijn zelden de mensen zonder zonnebrand in huis. Het zijn de mensen die te weinig smeerden en dachten dat een dun laagje 's ochtends genoeg was voor de hele dag.